20-11-2006

“Wil je voor mijn zuster bloemen kopen?”
Maar hoe moet ik haar dat vertellen?
“Zeg maar in een droom is dat gevraagd. Tiny, ik kom steeds losser van mijn lichaam. Het zal niet lang meer duren. Ik maak al uitstapjes, naar de andere kant. Ik zal het je laten weten.”
Meen je dat?
“Ja, ik kan met je meedenken, maar steeds moet ik weer even terug in mijn lichaam om te rusten. Ik voel niets meer, er wordt voor mijn lichaam goed gezorgd. Ik mag met mijn broeders mee, dat is een verademing. Toch is het heel anders dan jij denkt, veel mooier.”
Ik laat het je weten als er witte rozen zijn. Ik zorg ervoor.
10 voor half 12 is de boodschap gegeven.
Ik voel je nog steeds.
“Ik ben er ook nog steeds zuster. Ik stuur je licht en liefde in vriendschap. Ik voel het Tiny. Ik zal het laten weten.”
10 over half 2 is Servano weggegaan.
9 uur onze tijd overgegaan.
De roos die voor Servano is neergezet is het antwoord.
“Het is goed.
Al ga ik door een heel diep dal
zijn voetstap zie ik overal
zijn vleugels om mijn schouders heen
er kan mij niets meer gebeuren en sta ik niet meer alleen.”